Synchroniseren tussen Macs en mobiele apparaten

In OmniFocus versie 1.5 is het voor het eerst mogelijk om uw database te synchroniseren met een server of een schijf, zodat al uw Macs en uw iPhone of iPod touch up-to-date blijven.
Om naar de Synchronisatievoorkeuren te gaan kiest u simpelweg Voorkeuren in het menu OmniFocus. Vervolgens klikt u op de knop Synchronisatie.
Standaard is OmniFocus zodanig ingesteld dat met Niets wordt gesynchroniseerd. In dat geval is de database in uw map Bibliotheek het enige onderdeel dat van belang is.
Stap 1: Oude gegevens archiveren
Als u OmniFocus al enkele maanden of langer gebruikt, is het raadzaam om oude, ongebruikte onderdelen te archiveren voordat u met synchroniseren begint. Kies Oude gegevens naar archief verplaatsen in het menu Archief. Uw database wordt dan compacter en kan sneller worden gesynchroniseerd, met name op een iPhone of iPod touch.
Stap 2: Een synchronisatiemethode kiezen
Wanneer u wilt synchroniseren, moet u ergens een "serverkopie" of "synchronisatiekopie" van uw database opslaan en deze periodiek laten controleren door OmniFocus. Er zijn verschillende typen locaties waar u de synchronisatiekopie kunt bewaren. Deze worden elk aangegeven door een knop in het synchronisatiepaneel:
MobileMe: deze service van Apple omvat iDisk waarmee u online bestanden kunt opslaan. Wanneer u hierop geabonneerd bent, is dit de eenvoudigste manier om uw OmniFocus-database op te slaan op een plaats waar al uw Macs en apparaten deze via het internet voor synchronisatie kunnen benaderen.
Bonjour: dit is een zeer eenvoudige manier om Macs en apparaten in uw lokale netwerk in staat te stellen een exemplaar van uw OmniFocus-database te lokaliseren en hiermee te synchroniseren. Aangezien hiervoor geen speciale instellingen of een abonnement op een service is vereist, vormt dit de eenvoudigste manier om Macs of apparaten lokaal te synchroniseren.
Schijf: alles wat u in de Finder als schijf kunt activeren en bewerken, zoals een draagbaar USB-station, een Time Capsule op uw lokale netwerk of een bestandsserver die u benadert via het internet, kan worden gebruikt om uw OmniFocus-database te synchroniseren. Houd er rekening mee dat een iPhone en iPod touch geen schijven kunnen activeren via het netwerk, zoals wel mogelijk is op een Mac. Deze synchronisatiemethode werkt dan ook niet op deze apparaten.
Geavanceerd (WebDAV): dit is een type server voor het delen van bestanden op het web, dat door sommige aanbieders van hostingservices beschikbaar wordt gesteld. Vraag bij uw aanbieder van hostingservices na of u uw eigen WebDAV-ruimte kunt instellen. Houd er rekening mee dat providers die niet volledig aan de WebDAV-norm voldoen mogelijk niet goed werken.
Stap 3: Een synchronisatielocatie kiezen
MobileMe: als uw MobileMe-accountinformatie reeds is ingesteld in de Systeemvoorkeuren, is het veld Locatie al ingevuld. U kunt aan het einde van de URL een mapnaam toevoegen als u uw database wilt opslaan op een andere locatie dan het hoogste niveau van uw iDisk.
Bonjour: klik op Bewaar synchronisatiedatabase op deze Mac en voer vervolgens een wachtwoord in om uw database te beveiligen. OmniFocus stelt vervolgens een synchronisatiekopie van uw database ter beschikking aan andere Macs en apparaten op uw netwerk.
Schijf: wanneer u met een schijf synchroniseert, wordt een blad weergegeven waarop u een locatie kunt kiezen. Controleer of de schijf is geactiveerd, blader naar de gewenste locatie op de schijf en klik vervolgens op de knop Stel synchronisatielocatie in.
Geavanceerd (WebDAV): voer uw WebDAV-adres in (zoals https://www.voorbeeld.nl/webdav/) in het veld Locatie. Als uw provider dit ondersteunt, kunt u https gebruiken voor extra beveiliging bij het verzenden van uw gegevens. Normale http werkt echter eveneens.
Stap 4: Synchroniseren
Klik op de knop Synchroniseer nu om uw eerste synchronisatie te starten. Aangezien u nog niet over een synchronisatiedatabase beschikt, bestaat deze eerste synchronisatie uit het maken van een nieuwe database en het kopiëren van al uw OmniFocus-gegevens naar die database.
Stap 5: Andere Macs en apparaten instellen
Nadat u uw database voor het eerst volledig heeft gesynchroniseerd met de server, kunt u dit gegeven aan uw andere Macs en draagbare apparaten bekendmaken.
Een andere Mac instellen: voer stap 1, 2 en 3 opnieuw uit op de desbetreffende Mac, met dezelfde instellingen. (Als u Bonjour gebruikt, klikt u op Verbind met bestaande synchronisatiedatabase en selecteert u de Mac die u eerder heeft ingesteld.) Wanneer u die Mac synchroniseert, vindt deze de bestaande database op de server.
Een iPhone of iPod touch instellen: OmniFocus is beschikbaar voor iPhone en iPod touch, via de App Store. Wanneer uw apparaat zich op hetzelfde draadloze netwerk als uw Mac bevindt, kunt u OmniFocus openen op dat apparaat en ervoor kiezen om de synchronisatie-instellingen op naam op te halen van uw Mac. Klik anders op de knop Verzend instellingen in het paneel Synchronisatievoorkeuren van OmniFocus op uw Mac om per e-mail een speciale koppeling naar uzelf te sturen. Open het e-mailbericht op uw mobiele apparaat en tik op de koppeling. OmniFocus zorgt dan voor de rest.
Stap 6: Gesynchroniseerd blijven
Eén minuut nadat u een wijziging doorvoert, voert OmniFocus automatisch een synchronisatie met de server uit. Als u voor de synchronisatiemethode via Bonjour heeft gekozen en een wijziging aanbrengt op een van de clients, worden alle andere actieve clients die verbonden met het netwerk hiervan onmiddellijk op de hoogte gesteld. Zelfs als u niets wijzigt, voert OmniFocus eenmaal per uur een synchronisatie uit. U kunt ook handmatig synchroniseren: kies Synchroniseer met server in het menu Archief of klik in de knoppenbalk op de knop Synchronisatie. Zolang OmniFocus-synchronisatie is ingeschakeld op al uw computers en handapparaten en zij allemaal de database op de server kunnen benaderen, blijven ze allemaal up-to-date met elkaar.
Synchroniseren met iCal →